Alle blogposts

Hoe dieper het modderbad, hoe feestelijker de viering?

Sommige coachees leveren tijdens hun coachingstraject een diepe worsteling om een ingesleten gewoontepatroon te doorbreken. Symbolisch gezien gaan zij diep door de modder. Maakt dat de coaching extra waardevol? Zijn deze coachees meer tevreden met hun persoonlijke ontwikkelingsresultaat dan coachees die minder ‘door de modder’ zijn gegaan? En welke implicaties heeft dit voor het vieren van de gerealiseerde resultaten?

In coachingsland heerst soms de overtuiging ‘hoe dieper de coaching, hoe beter’. Ik wil hier graag een pragmatische visie naast zetten: ‘de diepte van de coaching wordt bepaald door de belemmeringen van de coachee om het gewenste resultaat te bereiken’. In het leercontract worden de leerdoelen en het gewenste resultaat van het persoonlijke groeitraject van de coachee vastgelegd. Het gewenste resultaat is beschreven in concreet waarneembaar gedrag, gedrag dat een bepaald effect dient te hebben in de omgeving. Wanneer de coachee dit gedrag op effectieve wijze in de praktijk inzet, kan de vlag uit. Het doel is gehaald, tijd om het resultaat te vieren.

Hoe diep moet de coachee hiervoor met zichzelf aan de slag? In de leerdoelen is de diepte van het groeitraject vastgelegd. Deze diepte wordt bepaald door de belemmeringen die de coachee moet overwinnen bij het realiseren van de gewenste verandering. Soms is de belangrijkste belemmering het ontbreken van bepaalde competenties. Hoewel het inoefenen van vaardigheden en het experimenteren met nieuw gedrag wellicht bestempeld kan worden als ‘een oppervlakkig coachingstraject’, kan de coachee in kwestie hierdoor een enorme groeistap maken in zijn effectiviteit. Zijn dagelijks handelen is zichtbaar veranderd, evenals het effect dat zijn gedrag heeft op anderen. Je mag dan ook verwachten dat de coachee trots is op zijn groeistap, en deze met heel veel plezier zal vieren.

Wanneer de belemmering meer ‘onder de wateroppervlakte’ zit, is er sprake van ineffectieve overtuigingen, remmende emoties, fysieke blokkades of gebrek aan contact met de eigen zingeving. Het zijn thema’s die de coachee als persoon dieper raken, maar hebben ze daarmee meer effect?
Wanneer het innerlijke groeiproces wordt verbonden met het inzetten van nieuw gedrag, is er doorgaans sprake van een wezenlijke verandering. Het resultaat is dan tweeledig: een zichtbare gedragsverandering én een doorbraak in een persoonlijk gewoontepatroon. Het vieren wordt dan ook tweeledig: er wordt gevierd dat de coachee het gewenste resultaat heeft bereikt, én dat hij een wezenlijk veranderingsproces heeft doorlopen dat zichtbaar wordt in zijn handelen op meerdere gebieden in zijn leven.

Wanneer het persoonlijke groeiproces echter niet verbonden wordt met praktische resultaten, heeft het coachingstraject wel persoonlijke inzichten opgeleverd, maar geen zichtbare verandering. Wat wordt er aan het eind van een dergelijk traject geoogst en gevierd?

Vieren van de groeiresultaten helpt om de opbrengst van het coachingstraject te verankeren. Welke betekenis de opbrengst voor de coachee heeft, kan alleen hijzelf bepalen. Voor iemand die nog nooit met zichzelf aan de slag is geweest, kan een ‘praktisch’ coachingstraject heel veel impact hebben en daarmee veel aanleiding tot vieren. De feeststemming die hoort bij vieren wordt bepaald door de gestelde doelen, de soms onuitgesproken verwachtingen en het gewenste resultaat, afgemeten aan de uiteindelijke groei- en ontwikkelingsstappen van de coachee en het effect hiervan op zijn omgeving.

Op 24 maart 2014 houden we vanuit Blankestijn & Partners een themabijeenkomst over ‘Groeien en vieren’. Meer informatie hierover vind je in de agenda van Coachlink of op www.BPopleidingen.nl.


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit bericht.
  • Datum 24-2-2014